***

Aanvulling, geen vervanging

Thermografie en mammografie als elkaar aanvullende onderzoeken naar borstkanker

Om duidelijk te krijgen in welke fase van ziekte thermografie en mammografie ontregelingen kunnen aantonen, geeft onderstaand stukje meer inzicht.

In een ziekteproces zijn volgens dr. Hans Reckeweg zes fases te onderscheiden, die weer in twee groepen onderverdeeld zijn; het humorale systeem en het cellulaire systeem. Het humorale systeem werkt via de lichaamsvloeistoffen zoals lymfe en bloed en het cellulaire systeem werkt via de lichaamscellen.

Klachten die ontstaan zijn oplopend van:

aanwezig, vervelend, chronisch, tot zeer moeilijk c.q. onherstelbaar beschadigd

Bijvoorbeeld:

hoesten > acute bronchitis > chronische bronchitis > bronchus carcinoom

Reckeweg heeft in de zes fases van ziekte beschreven hoe het lichaam omgaat met de zogenaamde homotoxines, ofwel ‘menselijk toxine’. Dit zijn substanties die giftig zijn voor de mens en die niet snel genoeg afgebroken kunnen worden om onschadelijk te blijven. Bij ziekte probeert het lichaam zich te ontdoen van die homotoxines en de reeds aangerichte schade te herstellen.

Deze ontgiftigingsstrijd en de pogingen om een reeds ontstane homotoxine-beschadiging ongedaan te maken, speelt zich op verschillende achtereenvolgende niveaus af, waarbij het lichaam steeds zwaarder belast wordt.

Het humorale stadium, bestaat uit drie fasen:

Aandoeningen in deze drie fasen ontstaan als gevolg van een lichamelijke reactie op de lichaamseigen of vreemde homotoxine.

1ste  fase, de uitscheidingsfase of excretiefase:

De eerste fase is de gezonde fase. Alles wat van buiten het lichaam binnenkomt via de mond en de huid, zoals adem, voedsel en drank, wordt door de weerstand in het lichaam gecontroleerd op giftige stoffen, bacteriën, virussen en parasieten. Het lichaam reinigt zich wanneer dit nodig is en dat wat schadelijk is voor het lichaam wordt onschadelijk gemaakt en afgevoerd. Het reinigen van het lichaam is onder andere te zien aan:

  • Zweten en stinken bij inspanning (en niet in ontspanning).
  • Loopneus, extra oorsmeer, verhoogde vaginale afscheiding.
  • Een puistje zo af en toe.
  • Korte, hoge koorts.
  • Af en toe stinkende ontlasting en zurige urine.

De lymfebanen zijn ook afvalbanen waar bacteriën in de lymfeklieren en –knopen onschadelijk worden gemaakt en via het bloed naar de lever worden afgevoerd  om vanaf daar eventueel het lichaam te kunnen verlaten. De lever is de grootste reiniger en ontgifter van het lichaam. Via de nieren, darmen en huid worden alle ongewenste stoffen afgevoerd.

Als de uitscheidingsprocessen niet meer optimaal verlopen, worden de afvalstoffen opgeslagen. Deze buffer is het onderhuidse bindweefsel, waarvan de capaciteit slechts beperkt is. Door het bufferen van de afvalstoffen verschuift de eerste fase langzaam op naar de tweede fase.

Veel voorkomende aandoeningen in deze fase zijn klachten waar we allemaal op zijn tijd mee te maken hebben: Gebrek aan eetlust, transpireren, verkoudheden, diarree, minder goed slapen, etc.
Wanneer de gifstoffen te lang in het lichaam blijven zitten kom je in fase 2.​

2de  fase, de ontstekingsfase of reactiefase:

De tweede fase is de ontstekingsfase die wordt gekenmerkt door laaggradige ontstekingen, zoals acné, bronchitis, middenoorontsteking. Het zijn ontstekingen die maar door blijven gaan, die afwisselend opvlammen en dan weer een tijdje rustig zijn. Er is daarbij vaak transpiratie zonder inspanning. Het  lichaam heeft in deze fase nog wel voldoende kracht om zichzelf te kunnen reinigen, maar heeft hierbij wel hulp nodig.
Alle ontstekingen waarvan de naam eindigt met `itis’ (= ontsteking) horen in fase 2.

Met name door de laaggradige ontstekingen kunnen in deze fase al fysiologische abnormaliteiten worden gedetecteerd via thermografisch onderzoek. De adviezen die gegeven worden naar aanleiding van een thermogram, hebben betrekking op de hulp die het lichaam nodig heeft om zichzelf te kunnen reinigen. Het doel is om hiermee te voorkomen dat ziekmakende processen in de derde fase belanden.

3de   fase, de depositiefase:

De derde fase is de depositiefase of verslakkingsfase. Dit betekent opslaan en afzetting van de afvalstoffen en feitelijk betekent dit dat de ontsteking veroorzakende afvalstoffen uit de vorige fasen onvoldoende konden worden verwijderd en het lichaam niet hebben kunnen verlaten. Aangezien de reststoffen niet in het bloed mogen blijven circuleren, worden ze op de minst ‘gevaarlijke’ plekken in het lichaam opgeslagen. Dit zijn dan het onderhuidse bindweefsel, de botranden en de aanhechtingplaatsen van pezen en spieren.
Typische fase 3 klachten zijn dan ook goedaardige gezwellen van het klierweefsel, chronisch opgezette lymfknopen (chronisch betekent langer dan 2 weken), goedaardige tumoren, lymfeklierzwelling, bloedafwijkingen.

Het cellulaire stadium bestaat ook uit drie fasen:

Aandoeningen in deze drie fasen ontstaan als gevolg van een lichamelijke reactie op de door de homotoxine aangerichte cellulaire schade.
Vanaf deze fasen is het mogelijk om abnormaliteiten te detecteren via een mammogram.

4de  fase, de impregnatiefase:

De vierde fase is de impregnatiefase of verzadigingsfase, waarin de in de derde fase opgeslagen afvalstoffen de cellen binnen kunnen gaan dringen. Dit betekent dus dat ziekteveroorzakers zich in de cel manoeuvreren, in plaats van dat ze via de lichaamsvochten, zoals het bloed, zweet, urine en ontlasting, naar buiten worden gewerkt. De cel wordt verzadigd met of wel de indringer, zoals parasiet, virus, bacterie, of wel met gifstoffen, zoals zware metalen, alcoholen en andere schadelijke stoffen afkomstig uit bijvoorbeeld de voeding.

Symptomen in de impregnatiefase zijn serieuze aandoeningen. De klinische benamingen van deze aandoeningen eindigen voor het merendeel op de uitgang ‘pathie’ (zoals myocardiopathie, cholecystopathie). Maar ook reumatische artritis, migraine, maagzweren behoren tot deze groep.

Vanaf de vierde fase is medisch ingrijpen noodzakelijk. Het lichaam is zelf niet sterk genoeg meer om door middel van hoge koorts de ziekte eruit te zweten. Er is sprake van verdere condensatie, wat wil zeggen dat de klachten als het ware neerslaan. De vierde fase is wisselvallig en gaat gepaard met schijnbaar klachtenvrije perioden en  waarin het lijkt dat het heel goed met de persoon gaat. Sluipend zet zich echter het ziekteproces onder de oppervlakte voort.

5de  fase, de degeneratiefase:

Tijdens de degeneratiefase ontstaat er ‘onherstelbare’ schade op cellulair niveau als gevolg van de nog steeds aanwezige ongewenste stoffen in het cytoplasma. In deze fase worden de celstructuren (genen) aangegrepen en verstoord. Dit is de uiteindelijke vergiftigingsfase die leidt tot chronische aandoeningen.

6de  fase, de neoplasma- of tumorfase:

Tijdens de neoplasmafase nestelt de homotoxine zich definitief in de cellen. Het lichaam verweert zich nauwelijks. Hierdoor beweren veel mensen waarbij zich kanker manifesteert, dat ze van te voren nooit ziek zijn geweest. In deze fase is de omkeerbaarheid van ziekmakende processen heel moeilijk geworden. Lichaamscellen ontwikkelen zich niet meer tot een specifiek werkende cel, maar blijven hangen in het delingsstadium. Celwoekeringen, totaal gebrek aan weerstand en stoornissen in de stofwisseling zijn een feit. De hoeveelheid gifstoffen is zo hoog dat het uit het bindweefsel weer terug in het bloed komt en bij de organen komt te zitten.

Deze klachten hebben een voorgeschiedenis van jaren. Je belandt nooit ‘zomaar plotseling’ in fase 5 of 6.

Thermografie en mammografie als elkaar aanvullende onderzoeken naar borstkanker!

Aan elke ziekte zit een begin en een eind. Elk van de zes fasen van Dr. Reckeweg vraagt om een specifieke aanpak.

Thermografie geeft waardevolle informatie vanaf het moment dat fase 2 zich aandient. Het heeft daarmee een enorme sensitiviteit ten opzichte van mammografie, omdat het al abnormaliteiten aantoont, jaren voordat het uit is kunnen groeien tot borstkanker. Omdat thermografie al vanaf fase 2 detecteert, is bij verreweg het merendeel van de mensen nog geen borstkanker aanwezig. Thermografie scoort dus lager dan mammografie op specificiteit -in termen van wetenschap zeer weinig vals negatieve en véél vals positieve uitslagen.

Met de nodige aandacht en specifieke maatregelen kan echter wèl voorkomen worden dat je ongemerkt opschuift naar de volgende fasen.

Mammografie geeft informatie over het cellulaire stadium, oftewel fase 4-6. De sensitiviteit is lager dan bij thermografie. Er zijn méér vals negatieve uitslagen. De groep waarbij onterecht de differentiaaldiagnose borstkanker wordt gesteld, is groot, maar kleiner dan bij thermografie.

N.B. De definitieve diagnose wordt alleen gesteld door middel van weefselonderzoek.

De kracht van thermografie zit daarmee duidelijk in het preventieve stuk, waarbij gepaste maatregelen voorkomen dat beginnende afwijkingen kunnen evolueren naar veelal onherstelbare afwijkingen. Blijkt uit een thermografisch onderzoek dat er een hoge mate van bezorgdheid is, dan zal worden doorverwezen naar de reguliere zorg en kan een mammografie en ander aanvullend onderzoek de diagnostiek verfijnen.

N.B. De voor- en nadelen van thermografie en mammografie betreffende de methodiek, heb ik hier buiten beschouwing gelaten. Wil je daar meer over weten, neem dan contact met mij op.